Spelregels ‘experimentele dorpswiet’

Op 11 april 2019 stuurde het kabinet het besluit inrichting gesloten coffeeshopketen naar de Eerste en Tweede kamer.

Op dit concept ‘voorhang ontwerp besluit houdende regels over het experiment gesloten coffeeshopketen’ kunnen beide kamers binnen vier weken reageren. Echter zijn de antwoorden op het voorlopig verslag uit de Eerste kamer op het wetsvoorstel pas op 15 mei beantwoord. 

Gemeenten die geïnteresseerd zijn om aan het wietexperiment deel te nemen kunnen zich vanaf 23 april 2019 tot 10 juni 2019 hiervoor aanmelden. Later dit jaar zal bekend worden gemaakt welke gemeenten daadwerkelijk deel zullen nemen. Uit de eerste reacties op de spelregels van het wietexperiment in Parool, telegraaf, volkrant, NOS, NUnl, diverse lokale media en VNG blijkt dat er veel gemeenten en burgemeesters ernstige bedenkingen hebben om hieraan deel te nemen want alle coffeeshops in een experiment-gemeente worden verplicht deel te nemen. Anders ontstaan er twee handhavingsregimes binnen een gemeente. Dit betekent dat grote steden als Amsterdam en Rotterdam niet mee zullen doen. Ook zijn er vragen bij burgemeesters wat de juridische consequenties zijn om onwelgevallige coffeeshops te moeten sluiten, aangezien er bezwaar en beroep mogelijk is tegen de bevoegdheid van de burgemeester die in geval van bestuursdwang tot sluiting van de coffeeshop zou leiden. Grensgemeenten die aan de proef meedoen dienen daarbij het Ingezetenen-criterium te handhaven. Mogelijk dat er bij kleinere steden en dorpen animo voor 'experimentele dorpswiet' is? De VNG heeft de Tweede Kamer in ieder geval om een hoorzitting verzocht waarbij bezwaren uiteen gezet kunnen worden en ook andere belanghebbenden gehoord kunnen worden. De redactie van de Cannabis Kieswijzer vat e.e.a samen en stelt nog een paar vragen n.a.v de voorhangtekst van 66 pagina’s;

Het is de bedoeling van dit kabinet om het experiment met cannabisteelt voor recreatief gebruik in de gesloten coffeeshopketen uit te voeren in maximaal tien gemeenten. De experimenteerfase duurt in principe vier jaar en wordt voorafgegaan door een voorbereidingsfase, waaronder een overgangsfase. Hiertoe is besloten na consultatie na kritiek van coffeeshops, omdat een plotselinge overgang van de gedoogsituatie naar de experimenteerfase niet wenselijk blijkt. Het is niet realistisch voor coffeeshops om het assortiment in één nacht te vervangen.
Binnen de experimenteerfase van vier jaar vindt ook de evaluatie plaats, onduidelijk is welke onderzoeksgroep dat gaat doen. Als op basis van de uitkomsten van dit experiment wordt besloten dat de regels van het experiment voor het hele land gaan gelden en de wet daarop moet worden aangepast, kan het experiment met anderhalf jaar worden verlengd. Daarna zal de dan dienstdoende regering een besluit nemen over de toekomst van het coffeeshopbeleid. Een eerste aanvang van het experiment waarbij de eerste experiment-wiet in de coffeeshop wordt verkocht wordt geschat halverwege 2021, dan is dit kabinet uitgeregeerd en zijn op 17 maart 2021 al weer nieuwe Tweede kamer verkiezingen geweest en zit er een nieuwe regering. Dus uitstel zou zo maar afstel kunnen betekenen volgens de Volkskrant.

De coffeeshops verkopen de voorverpakte producten zoals geleverd door een teler. Op de verpakking moet duidelijk het gehalte werkzame stoffen (THC en CBD) worden vermeld. Een teler binnen de wietproef kan hiertoe voor het testen van de cannabis terecht bij een laboratorium met een opiumontheffing. Voor de volksgezondheid wordt van telers geëist dat de bij de teelt van hennep alleen gebruik wordt gemaakt van biologische bestrijdingsmiddelen en dus vrij is van zware metalen, gewasbeschermingsmiddelen en aflatoxines. De maximale residulimieten worden bij ministeriële regeling vastgesteld.
Daarnaast wordt de teler verantwoordelijk voor de verdere verwerking, verpakking en het vervoer van hennep en hasjiesj via particuliere geld- en waarde transportwagens. Een aantal eisen aan de verpakking wordt later uitgewerkt in een ministeriele regeling, zoals gezondheidswaarschuwingen die op de verpakkingen moeten staan.
Wat dit allemaal voor gevolgen heeft voor de prijs van cannabis wordt binnen het experiment aan de markt overgelaten.

Om een breed gevarieerd aanbod te waarborgen, moeten telers bij de start van het experiment in staat zijn ten minste tien soorten te kunnen telen. De hennep wordt geproduceerd door ten hoogste tien telers. Deze telers via een rechtsvorm (behalve stichtingen volgens art 15) die in de Nederlandse basisadministratie staan en op een of meerdere kweeklocatie(s) binnen Nederland gaan kweken dienen hiertoe een aanvraag in. Daarbij wordt o.a een VOG, Bibob vragenformulier en ondernemingsplan aangeleverd. Geselecteerde telers voor en binnen het wietexperiment worden (al dan niet via loting) door de ministers aangewezen. Coffeeshops in de gemeenten die meedoen aan het experiment mogen alleen legaal geproduceerde hennep in voorverpakkingen verkopen. En telers die meedoen mogen alleen aan die coffeeshops verkopen. Dit is alles in het kader van een gesloten coffeeshopketen.

Coffeeshops die deelnemen aan het experiment kunnen slechts verpakkingen ontzegelen om maximaal 20 gram cannabis onverpakt in de coffeeshop aanwezig te hebben zodat consumenten dat voor verkoop kunnen ruiken.
Coffeeshophouders zijn verantwoordelijk voor heldere voorlichting aan klanten over de producten en preventie bij (problematisch) gebruik via een cursus van het coffeeshoppersoneel. Coffeeshops binnen experimentgemeenten mogen een weekvoorraad aanhouden via een kluis in plaats van 500 gram per moment. Burgemeesters van experimentgemeenten bepalen via lokale regels vast op welke wijze de weekvoorraad wordt vastgesteld en kunnen echter bepalen dat een lager maximum dan de weekvoorraad geldt.
De financiële administratie gedurende het experiment dient te gebeuren volgens een nieuw administratie-systeem waarbij de inspectie van Min JenV betrokken is daar deze toezicht gaat houden op ‘de geslotenheid van de coffeeshopketen’ in de deelnemende gemeenten. Hierbij wordt o.a gecontroleerd of de achterdeur van de wietshops echt is gedecriminaliseerd en of de gereguleerde telers toch niet stiekem ook aan anderen verkopen. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) houdt toezicht op gewasbescherming en voedselveiligheid.

Aspecten waar geen helderheid over bestaat:

Onderzoekvariabelen
1.Op welke variabelen zal worden onderzocht of op gebied van volksgezondheid, openbare orde en criminaliteitsbestrijding er van een succesvol experiment gesproken kan worden? Welke aandacht is er hierbij specifiek voor de vraag naar buitenlandse hasj & verplaatsingseffecten die van invloed zijn op het succes van het experiment?

Genetica
2.Hoe worden soorten cannabis gedefinieerd en is de gekozen genetica die aangeboden wordt tijdens het experiment wel stabiel? Hoe wordt gebord dat er voldoende op kwaliteit gecontroleerde cannabis beschikbaar is, is er een centrale afstemming zodat tien telers voldoende variatie qua aanbod regelen en niet dezelfde soorten gaan kweken en coffeeshops die deelnemen in een gemeente zich dus eigenlijk onvoldoende kunnen onderscheiden van elkaar qua menukaart?

Representatieve bemonstering
3.Is de wijze van representatieve bemonstering, dus hoeveel samples per batch en van welke delen van de plant, t.b.v de te verstrekken percentages THC en CBD zodat er betrouwbare percentages op het etiket worden weergegeven. Hoe wordt mee omgegaan met door NVWA geconstateerde afwijkingen bij de aangegeven percentages van werkzame stoffen?

Rechtsongelijkheid
4.Wordt er ook onderzocht wat de gevolgen van de rechtsongelijkheid door de verschillende handhavingsregimes tussen gemeentes voor het softdrugsbeleid betekenen?

Faillissement
5. Welk scenario ontstaat er voor gemeenten indien deelnemende coffeeshops in aan het experiment door teruglopende inkomsten failliet dreigen te gaan en de gedoogde verkoop aan consumenten zich naar de illegaliteit verplaatst?

Begroting
6. Hoe wordt de 2 miljoen voor de wietproef die jaarlijks beschikbaar is, genoemd in de begroting van het Rutte III regeerakkoord, besteed onderverdeeld naar landelijke en gemeentelijke toezichthouders naast de begeleidings- en onderzoekscommissie?

Bankrekening
7.Hoe staat het met de mogelijkheid van het kunnen openen van een bankrekening voor telers die een aanvraag voor een aanwijzing indienen?

Het concept besluit zal nog door beide kamers besproken gaan worden, 25 juni is de datum van het vervolg op het voorlopig verslag in de Eerste kamer; we kijken het ondertussen met lede ogen aan... (zie ook recent artikel met updates van gemeenten die zich wel aangemeld hebben voor de wietproef)